Overgenomen uit het NRC, maandag 8 januari, 2001
Borsten te klein of een zwembandje rond de heupen?
Cosmetische chirurgie is voor steeds meer mensen het antwoord op lichamelijke
tekortkomingen.
Door Rentsje de Gruyter
Twee paar blote billen en borsten staren de argeloze lezer aan.
'Zelfvertrouwen is te koop', staat boven de advertentie in het familieweekblad.
Op de ene bil, perfect van vorm en textuur, hangt een balkje: 'Vetverwijdering
vanaf 1.500 gulden'.
Het grote aantal advertenties voor de burger die perfecte billen, borsten of
andere lichaamsdelen wil, heeft een eenvoudige verklaring. Want al ontbreken
cijfers, alle betrokken zijn er van overtuigd dat het aantal Nederlanders dat
kiest voor cosmetische chirurgie de afgelopen vijf jaar sterk is toegenomen.
De term cosmetische chirurgie - ook wel esthetische chirurgie genoemd -
verwijst naar behandelingen ter verfraaiing van het uiterlijk. Een medische
noodzaak is niet aan de orde, al is soms wel degelijk sprake van lichamelijk
ongemak. Hoewel de patiënt doorgaans zelf de (forse) kosten moet betalen,
breidt de doelgroep zich gestaag uit. Zo signaleren plastisch chirurgen de
laatste jaren ook steeds meer mannelijke cliëntèle. Mannen zijn vooral geïnteresseerd
in liposuctie, de vetafzuigingstechniek die hen van hun zwembandje afhelpt, en
in ooglidcorrecties. Bij de vrouwen blijven borstvergrotingen- en verkleiningen
klassiekers. Daarnaast staan in de vrouwen Top 10 ooglidcorrecties, facelifts,
liposuctie (voor heupen en buik), lippeninspuitingen en laserbehandelingen (voor
ontharing/tegen rimpels). Wie geïnteresseerd is, kan op steeds meer plekken
terecht voor een cosmetische ingreep. Grofweg zijn er drie categorieën te
onderscheiden: het ziekenhuis, de privé-kliniek en de schoonheidssalon (of
andere kleinschalige initiatieven). De betrouwbaarheid van de behandeling
varieert. Wie kiest voor het ziekenhuis of voor een van de zes zeven grote privé-klinieken
in ons land, heeft de grootste kans op een betrouwbare behandeling. Een
beperking bij behandeling in een ziekenhuis is dat lang niet alle ziekenhuizen
aan cosmetische chirurgie doen - dit is slechts een deelgebiedje binnen het
specialisme plastische chirurgie. Daarnaast geldt dat in geval van een
wachtlijst medisch noodzakelijke verrichtingen voorrang hebben boven cosmetische
ingrepen. De privé-klinieken sprongen in het gat: zij verrichten uitsluitend
cosmetische ingrepen en soms ook andere wachtlijstgevoelige ingrepen, zoals
liesbreuk- en oogoperaties en sterilisatie.
De Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie ( NVPC) schat dat een
doorsnee plastisch chirurg 10 15 procent van zijn werkuren besteedt aan
cosmetiek. Velen werken in een ziekenhuis en klussen daarnaast bij in een privé-kliniek,
waar zij meer verdienen door zich uitsluitend bezig te houden met cosmetische
chirurgie. Soms runt een plastisch chirurg binnen de muren van het ziekenhuis
een mini privé-kliniek, die juridisch en financieel gezien onafhankelijk
opereert - de chirurg huurt dan op uurbasis operatieruimte in.
"Het voordeel voor de patiënt van een behandeling binnen een ziekenhuis
is dat ons vak er in de volle breedte wordt uitgeoefend", zegt Van Rappard,
plastisch chirurg in het Catherinaziekenhuis te Eindhoven. Niet alleen raakt de
chirurg daardoor niet verveeld, volgens NVPC-secretaris Van Valkenburg blijft de
kwaliteit van de cosmetisch- chirurgische ingrepen zo ook op een hoog peil.
"Die behandelingen gaan moeiteloos mee in de routine van het
ziekenhuis."
De grote privé-klinieken behoeven misschien weinig introductie, gezien hun
advertentievolume in de glossy's en de weekbladen. Alleen al in damesblad Marie
Claire vullen zij maandelijks drie pagina's met advertenties en ook in een
roddelblad als Privé laten zij zich niet onbetuigd. Zijn patiënten op
de afdeling plastische chirurgie in een ziekenhuis vaak doorverwezen door hun
huisarts, bij de grote klinieken komt een meerderheid af op advertenties en
andere media-uitingen. Neem algemeen arts Robert Schoemacher, wiens vader in
1978 de privé-kliniek Medisch Centrum Scheveningen oprichtte. Schoemacher trad
de afgelopen jaren zeventigmaal op in een tv-programma en heeft sinds kort zijn
eigen tv-programma 'De Plastisch Chirurg'.
De beroepsvereniging van plastisch chirurgen raadt af om op advertenties en
andere media-uitingen af te gaan. "De laatste jaren constateren wij een
toename van cosmetische ingrepen door niet-plastisch chirurgen", zegt
NVPC-secretaris Van Valkenburg. "Het gaat vaak om basisartsen, dermatologen
of KNO-artsen die formeel wel bevoegd zijn om dit werk te doen, maar van wie
onduidelijk is of ze over voldoende specifieke scholing en ervaring
beschikken." Het betrouwbaarst is de arts die na zijn basisartsdiploma de
zesjarige specialisatie tot plastisch chirurg heeft afgerond. Aangeraden wordt
om expliciet naar opleiding en status van de behandelende arts te informeren, om
het koren van het kaf te scheiden.
Alle Nederlandse plastisch chirurgen zijn lid van de NVPC; een te lefoontje
naar deze instelling kan bij twijfel duidelijkheid verschaffen. Noemt een
behandelaar zich 'esthetisch chirurg', 'chirurg' of simpelweg 'arts', wees dan
op uw hoede. Een dermatoloog die cosmetisch chirurg is geworden, kan goed werk
leveren, maar om beunhazen te vermijden, kan enige navraag geen kwaad.
Ter oriëntatie op de markt verdient het de voorkeur uw huisarts te
raadplegen, die objectief is en zonder winstbejag adviseert en doorverwijst. Een
andere mogelijkheid is de Stichting Informatie Plastische Chirurgie ( STIP),
waar oprichter Joke Schaftenaar uit eigen ervaring spreekt over de mogelijkheden
en de valkuilen.
De kleinschalige klinieken en de schoonheidssalons hebben zich de afgelopen
jaren ook op de esthetische markt begeven. Die gang is vergemakkelijkt doordat
voor allerlei ingrepen uitgebreid snijden niet meer nodig is. De huidige ge
neratie laserapparatuur kan veel en is eenvoudig te bedienen. Aan een
behandeling op dergelijke locaties zijn wel risico's verbonden. Salons en
achterafpraktijkjes beschikken doorgaans niet over steriele operatieruimtes,
noch over anesthesisten en geschoold verplegend personeel. Bekend is in deze
sector ook de vanuit het buitenland ingevlogen plastische chirurg, die een dagje
opereert en dan weer naar huis vliegt.
De behandelingen in salons zijn vaak een stuk goedkoper dan in een ziekenhuis
of gerenommeerde kliniek, maar het is moeilijk te bepalen of een behandeling
succesvol zal zijn. Als er complicaties optreden, zoals een wondinfectie of een
zenuwbeschadiging, moet de patiënt alsnog naar het ziekenhuis. Daar wordt een
goede behandeling bemoeilijkt doordat de aldaar dienstdoende arts niet weet wat
zijn voorganger heeft gedaan. Dit probleem kan zich ook voordoen bij behandeling
in een privé-kliniek, waar een overnachting na een ingreep minder gebruikelijk
is dan in het ziekenhuis. De klinieken hebben in dit opzicht een wettelijke
beperking: zij mogen een patiënt niet langer dan 24 uur opnemen op medische
indicatie. Echt zware operaties, zoals een buikwandplastiek, zijn om die reden
meestal voorbehouden aan de ziekenhuizen. Sommige privé-klinieken, zoals
Medisch Centrum Scheveningen, garanderen wel een 24-uurs bereikbaarheid. Bij
complicaties kan de arts die de cosmetische behandeling verrichtte, snel
informatie over de patiënt en diens behandeling overdragen. Ziekenhuis en privé-kliniek
claimen beide de beste behandeling te bieden. Klinieken roemen hun
klantvriendelijkheid, de aangename ambiance en de verregaande specialisatie.
Ziekenhuizen benadrukken de stabiliteit van de medische omgeving, de brede
behandelingservaring en de niet- commerciële gerichtheid. Financieel gezien is
de patiënt doorgaans een stuk goedkoper uit in het ziekenhuis, maar de diverse
betrokken partijen verschillen van mening over de oorzaken. Volgens de Stichting
Informatie Plastische Chirurgie werken de ziekenhuizen met goedkopere spullen.
Vooral de kwaliteit van borstprotheses, hechtmateriaal en verdovingsmiddelen zou
minder hoog zijn. De NVPC spreekt tegen dat dit zo is. Privé-klinieken zoals
Klein Rosendael en Medisch Centrum Scheveningen verklaren het prijsverschil
vanuit de uitgebreidere zorg en service in hun instellingen. Tv-dokter Robert
Schoemacher krijgt het laatste woord: "Je kunt economy class vliegen. Maar
business class reizen is aangenamer en dat krijg je als je bij ons komt."